De legende van de bloedende hostie

 

Wat we weten over het mirakel is bitter weinig.

 

Op 17 juli 1317 ging een kapelaan uit Lummen (Viversel hing toen af van de parochie Lummen) een stervende bezoeken op het gehucht den Dickel in Viversel om de Laatste Sacramenten toe te dienen. Terwijl hij de zieke de biecht afnam, legde hij de pyxis (het doosje dat de hostie bevat) in het kamertje ernaast. Toen hij terugkwam vond hij de pyxis opengebroken en een bloedende hostie lag ernaast. In twijfel vluchtte hij ermee naar Lummen. Pas op 1 augustus vertrok hij op aanraden van de pastoor van Lummen naar de Abdij van Herkenrode om de daar geleerde monnik,  Simon van Aulne te raadplegen over het gebeurde. Toen hij nabij Viversel, op de huidige Sakramentsheuvel, langs een kudde schapen liep, vielen deze dieren op hun knieën.

Aangekomen in de abdijkerk gebeurden verder nog mirakels.

Sindsdien werd de hostie in de abdij van Herkenrode bewaard en werd de abdij een gekende bedevaartsoord dat een rijke bloei kende tot aan de franse revolutie. Toen de Abdij in 1797 werd opgeheven moest de hostie op verschillende plaatsen in het geheim worden bewaard, om in 1804 te worden overgebracht naar de Sint-Quintinuskerk te Hasselt, waar deze zich nog steeds bevindt.